Afgelopen woensdag veroordeelde het Hof in ’s-Hertogenbosch Albert Heringa tot een half jaar voorwaardelijke celstraf omdat hij 10 jaar geleden zijn 99 jarige moeder hielp bij haar zelfdoding. Zijn moeder wilde niet verder meer leven, kende diverse gebreken en wilde niet verder meer leven. Zij was ten einde raad en wilde verlost worden uit het lijden dat haar was overkomen. Het hof achtte haar zoon strafbaar omdat hij niet de wettelijke regels voor euthanasie had gekozen , maar in plaats daarvan haar moeder had geholpen bij haar doodswens.

Vandaag horen we diezelfde roep uit de mond van de ongelukkig Job, die ook geen uitweg, geen geluk meer ziet in zijn leven. Zelf ben ik ook wel eens in mijn pastoraat geconfronteerd geweest met mensen, die een doodwens hadden. Zo gaan mijn gedachten uit naar een jonge moeder die ik begeleidde omdat zij in haar jonge jeugd ernstig beschadigd was doordat zij misbruikt was door haar vader. Haar gevoelsleven was totaal afgesneden en verdwenen, en ondanks dat zij een lieve man had en twee kinderen, deed zij alles vanuit een kil automatisme, zij kon haar gevoel niet meer te pakken krijgen. Zij voelde zich diep ongelukkig en wilde niets anders dan uit het leven stappen. Het doet je wat als pastor, als hulpverlener, wanneer je in contact komt met zo’n vrouw, die al meerdere hulpverleners had versleten, maar het gevoel had niet verder te komen. Ik zag in die vrouw Job’s woorden vlees en bloed worden, wanneer ik de angst en de wanhoop signaleerde waarmee zij elke dag leefde, de angst die zij in zich droeg, de onmacht waarmee ik aan de kant stond, en haar probeerde te helpen, de weg te vinden naar heling vanuit haar traumatische verleden. Wanneer je dit van nabij meemaakt, dan sta je er niet versteld van dat mensen kunnen zeggen: ik kan niet meer, ik wil niet meer, ik ben op, mijn leven hangt nog aan een klein zwak dun draadje!

Wat denkt u, hoe zwaar het voor die vrouw niet moet zijn geweest om jarenlang ’s ochtends wakker te worden en je dan al afvraagt: was ik maar niet wakker geworden! Ze was ervan overtuigd dat ze nooit meer gelukkig zou kunnen worden, nooit meer haar man en kinderen het gevoel kon geven en kon laten zien dat ze van hen hield. Waarom moest haar dat overkomen, deze jonge vrouw die goed probeerde te leven, die het helemaal niet had verdiend, zoals zovele mensen die vele tegenslagen in hun leven moeten incasseren. Laat God hen dan in de steek, is er nog wel een God die naar hen omkijkt?

Jarenlang heb ik haar begeleid, heb ik aan haar zijde gestaan, soms in spanning levend dat ze het toch maar niet zou doen, maar het lijntje zou pakken waarmee ik haar weer het leven in kon trekken. In mijn hulpverleningskoffer zat niets anders dan: trouw zijn, haar serieus nemen, luisteren, stukjes nieuw touw aan te reiken om het vast te knopen aan het oude. Achteraf heb ik het gevoel gehad, dat God mij als instrument heeft gebruikt om haar te helpen de eindjes weer aan elkaar te knopen, haar te helpen de goede draad weer te vinden in het leven. Hetgeen uiteindelijk ook weer gelukt is! Tot slot vroeg zij mij of ik haar vader wilde zijn.

Wat doe je in zulke uitzichtloze situaties… geef je dan toe aan de mogelijkheden die de wet biedt om uit het leven te stappen? Ik denk dat we daar niet te licht over moeten denken, ook niet als voor ons het leven uitzichtloos lijkt. Het Evangelie reikt ons een andere weg aan, n.l. dat wij ook dan een beroep kunnen doen op God. Hij blijft wat ons ook overkomt aan onze zijde staan. Hij staat er garant voor dat het ooit goed komt. Dat vaste geloof hield ook Job op de been, dat geloof en die hoop probeerde ik ook die jonge moeder mee te geven. Over datzelfde geloof en vertrouwen moet ook de schoonmoeder van Petrus hebben beschikt toen zij Jezus binnenliet in haar huis en haar leven.

Niet alles wat ons overkomt of elkaar aandoen is te verhelpen, maar Jezus laat ons zien dat wij elkaar wel degelijk kunnen helpen, elkaar kunnen bevrijden van hetgeen we elkaar aan ziekmakende situaties en onnodige pijn aan doen.
Er is veel ellende waartegen niet te vechten valt, daarover kunnen Job en zovele mensen meepraten. Maar er is ook veel door ons verziekt waar we wel wat aan kunnen doen. Gelukkig zijn er mensen die helen, heil brengen, die hun omgeving beter maken en nieuwe eindjes aanreiken om weer aan de oude, versleten levensdraad vast te knopen. In zulke mensen komen God en Jezus, die dikwijls zo ver weg lijken, toch weer heel dicht bij!

Amen.

Ootmarsum, 4 februari 2018,

Pastor Jan Kerkhof Jonkman