Hier worden Overwegingen gearchiveerd om ze nog eens na te lezen

 

17e zondag: Delen in vertrouwen

Graag mag ik de columns lezen in de Tubantia, o.a. van Nynke de Jong. Zo schreef zij woensdag j.l. over de gevolgen van de droogte over de pruimen, die dit jaar maar niet willen groeien tot de minimale dikte om ze kunnen afleveren aan supermarkten. Boer Kees uit het Zeeuwse Wemeldinge kwam hiermee in het nieuws en zat met het probleem dat zijn pruimen maar 35 millimeter dik waren en geen 38 zoals de supermarkt eist. Hij bleef daardoor met 60.000 kilo pruimen zitten. Gelukkig kwam er een oplossing via zijn zus, waardoor ze alsnog gebruikt kunnen worden voor de jam en de kleine supermarkten die ze wel willen hebben. Maar in de column stelde Nynke de eisen van de Nederlandse, veeleisende consument aan de kaak. Want zo’n regel over de grootte zal ooit ingevoerd zijn vanwege de klachten van de consument omdat ze erover klaagden dat ze te klein waren. Dus werden er , zo schrijft zij richtlijnen opgevoerd opdat wij niet stampvoetend bij het groente – en fruitvak staan. Meer dan 10 procent van onze groente en fruit wordt er verspild vanwege te groot, te klein of kleur. Zo moeten al onze paprika’s groot en glimmend zijn en de komkommers kaarsrecht. En je vraagt je af waar die kromme komkommers, en de misvormde aardappelen zijn? Het heeft in elk geval niets te maken met de smaak.

16e zondag: Snakken naar leven gevend water

Dit jaar worden we niet alleen door de beelden uit de Derdewereldlanden herinnerd aan de droogte die het land kan treffen, maar ervaren we in ons land de gevolgen van het uitblijven van regenwater. Tuinen, weilanden en maïs- en aardappelvelden verdrogen, het blad valt in hoogzomer van de bomen, bloemen verdorren in onze tuin, we wanen ons deze zomer in Spanje of Griekenland. Zelden werd ons land getroffen door zo’n lange periode van droogte. Niet alleen het land, de dijken en gewassen lijden eronder, ook onze huizen kunnen scheuren veroorzaken of verzakken vanwege het weg zakken van heipalen. En elke dag luisteren we nauwlettend naar de weerman of kijken we op onze computer of Ipad of er al regen aan schijnt te komen. We maken ons zorgen over de gevolgen van de droogte, hoewel er nog elke dag water uit onze kraan komt, en we nog niet met jerrycans naar centrale watertappunten hoeven te gaan. Zo herinner ik mij de zomer van 1959 toen de boeren met hun wagens vol bussen en ketels water haalden voor hun vee bij een centraal watertappunt. Waterleidingen waren er toen nog niet, de boerenputten waren vaak drooggevallen, maar zestig jaar later kunnen we waterkraan open draaien, want de waterleiding zorgt ondanks de droogte elke dag voor vers water. Wat is een waterleiding , waar het water door heen kan stromen toch belangrijk om in leven te blijven!

14de Zondag door het jaar: Van je vrienden en familie moet je het (niet) hebben!

Beste medegelovigen, Ik herinner mij nog heel goed toen ik voor het eerst solliciteerde naar de functie van onderwijzer op de basisschool in het dorp waar ik ben opgegroeid. De directeur van de school, die mij kende, had mij gewezen op de vacature en mij uitgenodigd te solliciteren. Ik werd tot mijn verbazing niet uitgenodigd voor een gesprek met het schoolbestuur, maar mijn brief werd wel uitgebreid besproken in de bestuursvergadering waar de directeur bij aanwezig was. De volgende dag belde hij me op en vertelde mij dat tijdens de vergadering mijn afkomst, mijn familie tot in drie generaties toe besproken was. Hoe ze waren geweest, met wie ze waren getrouwd, hoe ze zich ontplooid hadden, maar over mij was er niet of nauwelijks gesproken en zeker mijn kwaliteiten en competenties waren niet aan de orde geweest. Blijkbaar was de afweging uit welke familie ik kwam, of daaruit een goede onderwijskracht kon voortkomen, belangrijker dan wie ik zelf was en wat ik voor hen en de school kon betekenen. Was hij niet ooit begonnen op de Lagere Landbouwschool? Had hij net als zijn vader dan geen boer moeten worden? Twijfelden ze er aan of mijn papieren wel in orde waren? Was mijn familiegeschiedenis belangrijk om garant te staan voor mijn deskundigheid als onderwijzer?

Geschapen om te leven! 13e zondag

Altijd word ik diep geraakt door een verhaal waarin jonge mensen na een lange worsteling het leven opgeven en ervoor kiezen om van het leven afscheid te nemen. Vaak zijn het mensen met gaven en talenten, met een beloftevolle toekomst in het vooruitzicht, maar die het op de één of andere manier niet redden. Zoals het levensverhaal afgelopen vrijdag in de Tubantia van de 24 jarige Kirsten Oude Lenferink. Ze was opgegroeid in Diepenheim en legde zich onderzoekster toe op het onderzoek naar biologische bestrijdingsmiddelen. Een jonge vrouw met een bijzondere missie die de wereld beter wilde maken. Maar diep van binnen voelde zij zware innerlijke strijd, een eenzame strijd, waardoor zij langzaam haar levenskracht, haar ambitie verloor en geen weg terug kon vinden naar het leven, ze had het geloof en de hoop in het leven verloren. Ze vulde haar zakken vol met zand en liep ze bij Kijkduin de branding in en verdronk. Een jongvolwassen vrouw die haar leven als een doods bestaan moet hebben ervaren en geen hoop en geloof meer had in het leven. Zo zijn er in onze samenleving veel mensen die verkeren in een crisissituatie, mensen die het contact met het leven, met de samenleving zijn verloren, die het niet meer redden, misschien wel omdat de samenleving te hoge eisen aan hen stelt. Want er wordt wat van je verwacht, tegenwoordig en de druk van de Social Media is groot. Ze zijn dan als het ware levend dood, terwijl het volle leven nog op hen wacht!

Geboorte Johannes de doper: Hij moet Johannes heten

Voor mijn ouders was het wel duidelijk hoe ik zou heten, het kon niet anders dat ik vernoemd werd naar mijn opa, mijn vaders vader, want dat was zo de traditie. En mijn tweede doopnaam was Bernardus, vernoemd naar mijn andere opa. En met Plechelmus als derde doopnaam, de patroonheilige van mijn geboorteparochie kon ik de wereld wel tegemoet treden. Mijn ouders hadden niet de vrije keuze om zomaar een naam voor de oudste kinderen te kiezen, hoewel ze daar waarschijnlijk ook geen problemen mee hadden, want zo ging het al van generatie op generatie, waarbij grootouders een uitdrukkelijke stem hadden in de naamkeuze van het pasgeboren kind. De naam Jan wordt niet zoveel meer gegeven aan de huidige kinderen, behalve in Zeeland waar deze naam nog vrij populair is. Nee volgens de Sociale verzekeringsbank was in 2017 Noah bij de jongens en Emma bij de meisjes de meest populaire naam. Opvallend is dat bijna alle moderne namen, ondanks de terugloop van de invloed van religie en kerk, een Bijbelse oorsprong hebben. Zo zingen er in onze familiekring allerlei namen rond waar we vroeger nooit van gehoord of aan gedacht zouden hebben, zoals Vos, Maan en Mees, afgeleid van sterrenbeelden. Maar nog nooit heb ik een kind aan de doopvont gehad wiens naam door een Engel aan de ouders was ingefluisterd, zoals bij het kind van Zacharias en Elisabeth in het zojuist gelezen Evangelie. Zijn verbazing en ongeloof dat hen dit nog ten deel zou vallen, ondanks dat beide al ver de leeftijd gepasseerd waren om nog een kind te kunnen baren, had hem letterlijk met stomheid geslagen. Hij kon pas weer spreken toen hij op een schrijftafeltje de naam van Johannes had geschreven, een naam die iedereen verbaasde omdat die niet in de familie voorkwam. Wat zou er van dit kind worden, moet men zich in zijn omgeving verwonderd hebben afgevraagd. Johannes, een naam die betekent: Gos is genadig, God geeft gratie, Hij is barmhartig als geen ander.