Eén van de vragen die vele betrokken kerkgangers bezighoudt is: hoe zal het verder gaan met de kerk na corona? Nu het erop lijkt dat sommigen gebruik hebben gemaakt van de crisis om de kerk op een afstand te houden, of zelfs de deur naar de kerk hebben afgesloten. We hebben ervaren dat meerdere parochianen niet meer kozen voor een kerkelijk afscheid na het overlijden van hun dierbare. Zou de coronacrisis dan de genadeklap hebben gegeven voor het eens zo bloeiende kerkelijk leven in onze regio?
Beste mensen, laten we eerlijk zijn: ook al voor corona liep de betrokkenheid bij de kerk en het kerkbezoek terug, voelden velen, jong en oud, ook al zijn ze gedoopt, gevormd en kerkelijk gehuwd, zich minder verbonden met de kerk en het geloof, en vulden ze de vrije zondagochtend op een andere wijze in. Blijkbaar was de kerk voor hen niet meer de plek waar ze de inspiratie ontvingen voor God ‘s Rijk van liefde, vrede, vreugde en rust. Terwijl dat de Blijde en Bevrijdende kernboodschap is van het Evangelie, dat Jezus predikte en waarvoor hij zijn leven brak en gaf. Blijkbaar voelden velen dat de Kerk vanwege haar streven naar macht en de grip op het menselijk leven, de fouten uit het verleden, de misbruikschandalen, en haar hardnekkigheid om veranderingen en nieuwe inzichten toe te laten, niet meer als hun kerk. Voor velen voelde de Kerk als gedateerd en niet meer als bij de tijd. Terwijl zij eeuwenlang een bron was van inspiratie en een veilige schuilplaats van de mens.

Terwijl we allen, na de massale vaccinatie, verlangen naar het oude, leven, een beloftevolle zomer, is het nog maar de vraag of mensen straks ook weer massaal zullen toestromen naar de kerken. Moeten we ons daar zorgen over maken? Ik denk het niet. De Lezingen uit de Schrift maken ons vandaag duidelijk, dat het God zelf is die zorgt voor groeikracht. Zoals de Eerste lezing zegt dat God, de Heer van de top van een hoge ceder een twijgje zal plukken en het zal planten. Het zal uitgroeien tot een prachtige ceder waarop vogels van allerlei gevederte zich kunnen nestelen. Hij zorgt voor de groeikracht om een klein, nietig mosterdzaadje uit te laten groeien tot een stevige boom met grote takken, waaronder veelkleurige vogels mogen rusten in zijn schaduw.

Dus niet de mens, niet de paus, niet de bisschop, niet de pastor, neemt het initiatief om de toekomst van de volkeren op te bouwen, maar God zelf! Een toekomst waarin plek is voor iedereen, man, vrouw, hetero en homo, arm en rijk, gezond en de mens met en zonder een beperking. Want God ’s Koninkrijk moet een paradijs zijn van schoonheid, geuren en kleuren, een rijk waarin de mens, in al zijn onvolmaaktheid, mag wonen om ervan te genieten.
Niet wij bouwen de Kerk, maar dat is God zelf. Zoals paus Johannes de 23e besefte in de nacht voordat men hem tot paus zou kiezen. Hij lag te woelen in bed en kon niet in slaap komen omdat hij de grote verantwoordelijkheid voor de kerk in de nieuwe tijd voelde als een te grote opdracht voor hem. Toen flitste het door hem heen: niet ik, maar God bouwt de kerk, ik hoef alleen maar een gewillig instrument te zijn in zijn hand. Daarna viel hij in slaap en de volgende dag koos men hem tot paus. Die houding zou ook de kerkleiding moeten aannemen, ze moet afdalen van haar zetel van zelfingenomenheid, haar machtpositie, haar eigen wetten waarmee zij de mens de maat neemt, en plaats moeten nemen tussen het volk, op een krukje van nederigheid en dienstbaarheid. Dan zal de kerk, met God ’s kiemkracht weer kunnen uitgroeien tot een schaduwrijke boom waarin velen beschutting, rust, liefde, vrede, respect en erkenning kunnen bieden, een boom zoals Jezus was in zijn tijd. Een plek waar slechts één wet telt, de Wet van Jezus: bemint God en uw naaste als uzelf!

Wat zou het een vreugde kunnen zijn dat onze Kerk zo ’n boom was, maar helaas is ze dat nog niet. Nog te weinig beseft de leiding in de kerk dat zij zelf schuld is aan de huidige crisis, te weinig leert van haar fouten uit het verleden en weinig ruimte geeft aan nieuwe ideeën en inzichten. De bekende Duitse kardinaal Marx, die onlangs zijn ontslag indiende vanwege het openbaar worden van nieuwe misbruikschandalen, zei: “De kerk zit op een dood punt, en dat is helemaal haar eigen schuld. Laten we bidden dat wij en heel de Kerk dat dode punt zouden overwinnen.” Met andere woorden: dat wij een boom zouden zijn waarop alle mensen welkom zijn, ook mensen van andere geaardheid, andere gedachten, andere rassen. Een boom van liefde, rust vrede en vreugde. Een boom zoals Jezus was en is.

Ik ben ervan overtuigd dat God hier en daar een klein zaadje heeft gezaaid in het hart van de mensen, en ergens al het stekje uit de hoge boom van onze kerk heeft geplant zodat er een nieuwe boom zal kunnen uitgroeien om beschutting, voedsel en nieuw leven te schenken aan de mens van de toekomst. Laten we alle vertrouwen hebben in deze nieuwe, vruchtbare toekomst voor Kerk en Evangelie!
Amen.

Tilligte, De Lutte, Denekamp,

Pastor Jan Kerkhof Jonkman