Beste medegelovigen,

De meesten van ons komen uit een tijd waarin het geloof vooral bestond uit het strikt naleven van allerlei regels die de kerk de gelovigen voorhield. Zo was ik als kind verplicht elke maand ter biecht te gaan, ook al had dik naar mijn gevoel nauwelijks iets verkeerds gedaan, baden we trouw ons ochtend- en avondgebed en niet te vergeten de gebeden voor en na de maaltijden. We waren verplicht onze zondagsplicht te vervullen door het bijwonen van de zondagsmis en niet te vergeten, je te houden aan de vasten- en onthoudingsdagen. De kerk hield toezicht op ons dagelijks leven, tot in de echtelijke slaapkamer toe. Elke aanraking met seksualiteit voor het huwelijk was strikt verboden. Zo moesten wij als seminaristen verplicht op onze rug slapen en elke avond wanneer wij op bed lagen, keek de surveillant even vanachter het gordijn van onze chambrette of wij ons hier wel aan hielden. Zo had de kerk vele regels opgesteld om ons tot voorbeeldige gelovigen op te voeden. Geboden en verboden die vooral gericht waren op uiterlijke zaken, die ons dichter bij ons innerlijk geloof moesten brengen, maar door juist een nadruk te leggen op de naleving van de regels, een tegengesteld effect hadden. Het riep een spanning op tussen buitenkant en binnenkant, de spanning die wij ook voelen in de lezingen uit de Schrift van dit weekend.

Waar leg je de nadruk op: gaat het om de buitenkant, het naar de buitenwereld laten zien dat je een goed katholiek bent door trouw de kerkelijke voorschriften na te leven en te vervullen? Of gaat het om de binnenkant, je geloof te beleven vanuit je hart, je binnenste? Dit is ook het spanningsveld waarin wij ons op dit moment bevinden binnen onze kerk.
Regels, rituelen, gebruiken: onze kerk kan niet zonder, net als zovele clubs en verenigingen niet zonder kunnen. Ze houden onze gemeenschap, onze club , onze vereniging in stand, ze zorgen voor behoud van onze eigen identiteit. Ze zorgen ervoor dat ons leven, ons geloof niet verschraalt. Mensen hebben uiterlijke tekenen nodig om niet uit elkaar te vallen. Maar we moeten ervoor waken dat niet de club, de vereniging, dat niet de kerk alleen nog aan elkaar hangt van uiterlijk vertoon, aan buitenkant. De regels, wetten en rituelen in onze kerk zijn er niet voor zichzelf, maar om het godsdienstig leven te reguleren, aangenaam en in stand te houden. Ze helpen je om dicht bij je jezelf, je innerlijk, je hart te kunnen komen, waar we het geheim van het leven, God zelf kunnen ontdekken en Hij zich aan ons ontvouwt.

Het spanningsveld tussen traditie, regels enerzijds en het leven van alledag, is een spanningsveld van alle tijden. Ook het Joodse volk en de mensen in Jezus’ tijd worstelden ermee. Gaat het louter om het opvolgen van de Wet, of mag er ook ruimte zijn voor je hart, voor je eigen geweten? Wanneer Jezus met deze discussie wordt geconfronteerd, dan benadrukt Hij ook onze innerlijke houding, waarbij Hij de profeet Jesaja aanhaalt, die zijn toehoorders oproept om af te zien van alleen maar uiterlijkheden, van alleen maar lippendienst. Want het gaat om het innerlijk, zo benadrukt Jesaja. Je hart moet dicht bij God zijn, nee het zit niet goed met je als je alleen maar slaafs doet wat de Wet zegt. Het gaat erom wat er van binnen uit je hart komt.

Wij worden dan ook gewaarschuwd om ons niet te verliezen in allerlei pietluttige regeltjes, in uiterlijke rituelen, in mooi godsdienstig gedoe. Zorg dat je hart er bij is. En vergeet vooral niet waar het uiteindelijk om gaat: eerbied voor God en aandacht voor de mensen.
Dat is de boodschap die kernachtig is verwoord in de Tien Woorden, de Wet die Mozes op de Sinaï ooit ontving. En Jezus roept ons op die Wet te respecteren, maar ook om ze handen en voeten te geven in onze tijd, waarbij ze niet klakkeloos moeten worden uitgevoerd zoals onze voorouders het eeuwenlang deden. Ze moeten worden getoetst aan deze tijd, aan ons innerlijk, aan ons hart ons ingeeft. Want ons doen en laten moet oprecht zijn, moet passen bij wat je van binnen voelt. Want vergeet niet waar het uiteindelijk om gaat: eerbied voor God en aandacht voor de mensen!

Beste medegelovigen,
het is voor ons de uitdaging om niet vast te blijven zitten in regels en wetten, maar om in beweging te komen en bij de tijd te blijven wat ons geloof betreft. Ga bij jezelf te rade, luister eerst goed hoe anderen er over denken en kom dan pas tot een hartsbesluit om je geloof zo en zo handen en voeten te geven. Zodat de voorschriften en wetten passen bij wat jij van binnen voelt. Samen geloven, samen kerk zijn, vraagt om een binnen- en buitenkant. Maar bij dit alles mag het hart niet ontbreken, anders worden we als de Farizeeën.

Amen.

Tilligte, Noord Deurningen, Gerardus Majella,

2 september 2018

Pastor Jan Kerkhof Jonkman