Een zegen van deze tijd noem ik wel eens de moderne communicatiemedia, het rijkdom dat je vanuit je slaapkamer met de hele wereld kunt communiceren en vanuit je bed heel veel data binnen kunt halen in je eigen huis. Zelfs toegang hebt tot bibliotheken waarvan je als kind ooit droomde. Maar die snelle en wereldwijde communicatie heeft ook een keerzijde.
Dagelijks worden er via Facebook, Twitter, Instagram, Google, You Tube, en nog zoveel andere media vreselijke berichten de wereld ingezonden. Soms schrik je je te pletter door datgene wat je op je beeldscherm binnenkrijgt: uitingen van haat, wrok, aanzetten tot geweld, ja zelfs bedreigingen met de dood. Of het nu gaat om de corona-maatregelen, de blackmatterbeweging, de Zwartepiet-discussie, het stikstofbeleid of het vluchtelingenbeleid. Altijd staat er wel een groep op die er tegen is, politici en goedbedoelende beleidsmakers wantrouwt, en probeert haat en verderf te zaaien. Onder het mom van : we hebben allemaal een vrijheid van meningsuiting. Alsof je daarmee wil zeggen dat je alles kan zeggen wat je wil en er geen grenzen zijn die je dient te respecteren. Zo moesten de afgelopen week onze minister-president Rutte en minister de Jonge die live vragen beantwoordden op facebook, een grote lading beledigingen incasseren tijdens deze sessie.

De laatste decennia is onze leefwereld is groter geworden, zijn we mobieler geworden, maar is het er niet altijd veiliger op geworden. Door de ruwe wijze van communiceren met elkaar dreigt er een tweespalt te ontstaan die verschillende groepen en meningen tegen elkaar opzet. Velen zijn er angstig van geworden. Niet alleen politici, burgemeesters, bewakers van de openbare orde en veiligheid, hebben er slapeloze nachten van omdat ze bedreigd worden, maar ook gewone burgers laat het niet onberoerd. Je voelt je op straat niet altijd veilig, zeker niet wanneer de zon is onder gegaan. Het lijkt erop dat onze wereld en maatschappij meer onleefbaar is geworden, en dat het steeds moeilijker wordt om onbezorgd en gelukkig te zijn.

Zouden we die houding, waarachter vaak een grote angst voor het onbekende, een grote angst voor de ander schuil gaat kunnen doorbreken? Jezus wijst ons vandaag in het Evangelie een uitweg uit die spiraal, n.l. de weg van vergeven, de weg waarin wij anderen op de eerste plaats zien als mens, met al zijn eigen fouten en tekortkomingen, en niet de ander meteen positioneren als tegenover, of erger nog als tegenstander of vijand. Daarbij is het op de eerste plaats belangrijk om naar onszelf te kijken: zijn wij net zo goed als wij ons naar de ander voordoen? Of bewandelen wij zelf ook de weg van polarisatie, delen we mensen op in groepen: wij of zij? Bewandelen wij de weg van anderen benadelen, kwetsen, zwart maken, dingen ook ons ook kwaad maken als het ons wordt aangedaan? Of bewandelen wij de weg van vrede en vergeving? En hoe gaan wij met de ander om wanneer ons onrecht of pijn wordt aangedaan? Slaan we dan net zo hard terug, of zijn wij ook in staat een ander, de ruimte te gunnen voor vergeving?

Jezus confronteert ons, in het verhaal van de onrechtvaardige rentmeester, met de houding die God aanneemt jegens ons. Wij staan allemaal in het krijt bij Hem, wij kunnen onze schulden jegens Hem nooit afbetalen, maar Hij strijkt telkens weer met de hand over zijn hart en vergeeft ons rijkelijk. Datzelfde zouden ook wij moeten doen, houdt Jezus ons voor. Wij zouden ons daarin moeten spiegelen aan zijn koninklijke houding van vergeven.
“Caritas pro armis”, deze tekst koos bisschop Bekkers toen hij in 1957 bisschop werd gewijd. Caritas pro armis, liefde als wapen. Met dat als lijfspreuk kun je het lang volhouden, ook in het huwelijksverbond, dat bewijzen jullie wel, Jeanne en Jan Rosenhart. Want vandaag vieren jullie het 65 huwelijksfeest. Exact 65 jaar geleden stonden jullie om deze tijd voor Gods altaar in de kloosterkapel van het ziekenhuis De Mariastichting in Haarlem, om elkaar je woord van trouw en liefde te geven voor het leven. Naast de familie waren er op die dag 95 kloosterzusters aanwezig, die getuige waren van het levensgeluk van hun trouwe misdienaar. Na diverse omzwervingen in Brabant kwamen jullie 25 jaar geleden hier naar Ootmarsum, waar de parochiegemeenschap van de HH. Simon en Judas jullie in het hart sloot. Na vele fijne, vruchtbare jaren voor de samenleving en de kerk, hebben jullie je op je levensavond ook ingezet voor onze geloofsgemeenschap en daarvoor spreken we onze grote waardering uit. Liefde als wapen, is ook jullie lijfspreuk geweest in het huwelijk, liefde voor elkaar, maar ook voor de medemens.

Liefde en respect voor de ander, het onder ogen zien van je eigen fouten en kwetsbaarheid, kan helpen om onze angst voor het onbekende, onze angst voor de ander, voor andere culturen, religies en levensovertuigingen overwinnen. Het is een eerste stap op de weg van vergeving en verzoening.

Lieve mensen, als God zo van ons houdt en in staat is ons ons oneindig malen te vergeven, laten wij dan ook niet blijven steken in wrok en gramschap, maar de moed hebben Hem daarin te volgen.

Amen.

Ootmarsum, 13 september 2020,

Pastor Jan Kerkhof Jonkman