Ouders vinden het voor hun kinderen erg belangrijk dat ze na de basisschool op een voor hen goede plek terecht komen, zodat ze volop hun leertalenten kunnen ontwikkelen, en dat ze het liefst zo hoog mogelijk op de maatschappelijke ladder terecht komen. Van docenten hoor je vaak dat ouders hun kinderen overschatten, en dat ze neerkijken op andere talenten, zoals praktische vaardigheden en vakmanschap. Toen ik van de Lagere School kwam, was volgens de hoofdonderwijzer voor mij het Lyceum of de MULO niet weggelegd. Daardoor belandde ik op de Lagere Landbouwschool in Denekamp, een school waar ik mij eigenlijk niet op m’n plek voelde. Na een jaar ben ik toch verkast naar de MULO, geen eenvoudige start, maar uiteindelijk heb ik toch mijn doctoraal diploma gehaald aan de Katholiek Universiteit in Utrecht. Hadden ze mijn talenten dan toch onderschat? Blijkbaar zat er toch meer in mij dan een toekomst op de boerderij. Maar wat bovenal heeft meegespeeld is mijn innerlijke motivatie, mijn drijfveer om mijn hart te volgen. Zo belandde ik uiteindelijk op de plek waar ik van kinds af aan al naar verlangde en verwisselde de vruchtbare akker van de Wieker Es voor Gods akker. Een keuze waar ik nimmer een dag spijt van heb gehad, want hier kon ik mijn talenten ten volle ontplooien en ten dienste stellen aan de medemensen.
Datzelfde heb ik als docent en studieleider bij mijn studenten geprobeerd toen ze vaak zonder voldoende opleiding aan de deur klopten van de Theologieopleiding, om van hun motivatie en talenten hun kracht te maken. Vaak met veel succes. Nog altijd kan ik genieten van deze prachtige mensen die nu in het pastoraat volop tot hun recht komen.
Eveneens kan ik genieten wanneer ik in de garage ben en een hele jonge automonteur vol passie en overgave zie sleutelen van mijn auto, want het is fantastisch dat je zo van je hobby je werk kunt maken en zo dienstbaar kunt zijn voor je medemens.

Hoe ga je om met je beginkapitaal, en dan gaat het helemaal niet om intellectuele talenten, om het hoogste schooldiploma, om het startkapitaal dat je van je ouders hebt meegekregen, nee het gaat hier ook vooral om gaven vanuit jouw persoonlijkheid, jouw eigenschappen die aan jou door de Schepper zijn toevertrouwd. Dat kunnen praktische vaardigheden zijn, creatieve talenten, talenten die te maken hebben met zorg, er voor de ander willen zijn, talenten als solidariteit, dienstbaarheid aan de gemeenschap. Allemaal hebben we ze van huis uit meegekregen, het ene niet belangrijker dan het ander. Het werk in de overal is niet belangrijker dan het werk van de collega in een driedelig kostuum. Het werk van de schoonmaakster in een ziekenhuis is net zo belangrijk als dat van een verpleegkundige of arts, zo heeft het coronavirus ons wel geleerd. Maar niet alles wordt evengoed gewaardeerd. Ook zitten er verschillen in de beeldvorming en waardering tussen het werk van de autochtone Nederlanders en de mensen met een migratieachtergrond, alsof zij over minder talenten zouden beschikken. In contact met hen word je vaak aangenaam verrast door datgene wat zij inbrengen.

Een belangrijke les is dan ook: ontwikkel daar waar je goed in bent! Begraaf ze niet, zo luidt de boodschap van het Evangelie van vandaag. Je moet ze niet begraven, maar ten goede laten komen aan de ander. Kijk niet te veel naar de ander die aan de buitenkant meer talenten lijkt te hebben dan jij. Het gaat er niet om of je beschikt over twee of zeven talenten, nee het gaat erom dat hetgeen je hebt daadwerkelijk gebruikt en ontwikkelt. Daarbij moet je soms je nek uitsteken en ook risico ’s durven nemen. Wacht niet te lang, want je weet niet hoeveel tijd jou toegemeten wordt in dit leven. Zorg dat je beginkapitaal aan talenten, aan het eind van je leven voldoende heeft opgebracht.

Neem een voorbeeld aan de sterke vrouw uit de Eerste Lezing. Een prachtige lezing waarin de vrouw in haar eenvoudige leven alles geeft wat er binnen haar mogelijkheden ligt. Haar handwerk, haar vaardigheden, de liefde en toewijding aan haar man en kinderen, een vrouw die vanuit haar levenspositie met haar mogelijkheden iets van het leven maakt en beantwoord aan het profiel dat God van ons verwacht. Om mens te zijn, trouw in liefde aan de mensen die ons zijn toevertrouwd, en onze talenten inzetten voor de verwezenlijking van Gods Koninkrijk. En ieder van ons kan datzelfde realiseren, op de plek waar wij wonen en werken, op de boerderij, in het gezin, als vrijwilliger, in het bedrijfsleven, onderwijs, zorg en politiek, in samenleving en kerk. Als we al die kracht en energie die in ons zit zouden inzetten, wat zouden we dan een prachtige wereld en samenleving kunnen opbouwen, een wereld waar geen honger, armoede, discriminatie en geweld meer voor komt. Een wereld waar God en Jezus van droomden. Een wereld, gefundeerd op liefde, solidariteit, trouw, gastvrijheid en vergevingsgezindheid.

Lieve mensen, laten we alles in het werk stellen om het beste in ons zelf en in elkaar naar boven te halen, opdat we op het moment dat God bij ons aanklopt, en rekenschap vraagt van ons leven, wij voldoende winst op ons startkapitaal aan hem kunnen tonen.

Amen.

Tilligte, De Lutte, 14/15 november