Hoe diep zit ons geloof?

De tijd is voorbij dat wij van huis uit gecontroleerd werden of wij wel naar de kerk waren geweest. In het begin van mijn pastoraat hoorde ik jonge mensen, die pas getrouwd waren en nu op zichzelf woonden, uit één van de Tubbergse kerkdorpen wel eens zeggen dat ze van hun ouders steevast de vraag kregen of ze op zondag wel naar de kerk waren geweest. Ze hadden hen die zondag niet gezien? Ze verwachtten dat ze, net als hen trouw hun zondagsplichten bleven vervullen, ze hadden hen altijd het goede voorbeeld voorgehouden en verwachtten dat de kinderen dit zouden blijven volgen. Menig ouder zal teleurgesteld zijn geweest wanneer hun kind hen eerlijk vertelde dat zij niet waren geweest en zal zich zorgen hebben gemaakt of er nog wel iets van hun geloof terecht zou komen. Zolang ze nog onder ouderlijk gezag stonden en gestimuleerd werden, ging het wel goed, maar zodra ze zich ontworsteld hadden aan het ouderlijk gezag, de controle weg was en op eigen benen stonden, mochten ze hun eigen vrijheid voelen en beleven. Als het ouderlijk gezag wegvalt, dan kunnen we soms heel anders reageren, kan ons gedrag soms een heel andere kant uitslaan. We zien het bij kinderen, maar ook bij ons zelf. Drinken we toch maar stiekem een biertje wanneer we weten dat er toch geen politiecontrole is? Rijden we toch maar lekker hard op een weg van 80 kilometer wanneer er geen snelheid gemeten wordt? Of nemen we van ons werk materiaal of gereedschap mee naar huis die zijn blijven liggen wanneer de baas het niet ziet?
Blijkbaar gedragen we ons anders wanneer onze baas, het gezag met ons meekijkt. Zo kan je snel in de fout gaan wanneer je niet sterk in je schoenen staat. We zien het bij gezagsdragers, bij douaneambtenaren en politieagenten. Juist wanneer je in verleiding komt, wanneer het geld je verleidt. Je vertrouwt erop dat je kinderen, je werknemers, degene die jouw vertrouwen heeft, dat vertrouwen niet beschaamt. Wanneer de controle, het gezag wegvalt, dan moet je sterk in je schoenen staan.

En hoe zit dat met ons geloof? Hoe diep zit ons geloof geworteld wanneer het ons tegenzit? Wanneer het kerkelijk gezag ons niet meer controleert? Is het geloof het navolgen van de regels, een gewoonte patroon door de zondags kerkgang, een mooie afleiding op de zondagmorgen, of is het voor ons ook een diepe overtuiging? Juist bij tegenslag, bij ziekte of wanneer een ongeluk ons treft, wanneer ons iets onverwachts treft en we niet weten waar het vandaan komt of waaraan wij dit hebben verdiend? Zetten we God dan snel buiten de deur? Danken we ons geloof dan af en zetten het bij het grof vuil, iets dat geen enkele betekenis meer heeft in ons leven? Was ons geloof dan maar een laagje vernis, uiterlijke schijn?

Blijkbaar is het moeilijk om het geloof op eigen kracht vol te houden. Die zorg deelde ook Jezus toen Hij zijn levenseinde voelde naderen. Ook Hij wist dat het geloof niet zo’n groot probleem was, dat de leerlingen geen moeite hadden Hem te volgen, tijdens zijn leven. Maar hoe zou het gaan wanneer Hij er niet meer was? Zouden ze het dan ook volhouden? Zouden ze dan ook bereid zijn om vast te houden aan hetgeen Jezus hen had gezegd en had voorgehouden? Blijkbaar voelde Jezus aan dat dit niet zo gemakkelijk zou worden wanneer Hij er zelf niet meer was. Daarom vroeg Hij de Vader, om de leerlingen een helper te sturen. Die zou hen alles in herinnering moeten brengen wat Jezus gezegd had.
Niet alleen de leerlingen, maar ook wij hebben behoefte aan zo’n helper die ons te binnen brengt wat Jezus heeft gezegd en ons heeft voorgeleefd. Met alleen gebed en de zondagsplicht redden we het niet. Als wij alleen maar bidden en niet tot vergeving in staat zijn, als wij alleen maar kaarsjes opsteken en niet bereid zijn licht te brengen in elkaars leven, blijft ons geloof een schraal en vals laagje vernis. We hebben een helper nodig, net als een ouder die ons even fronsend aankijkt wanneer we discriminerende taal uitslaan of gedrag vertonen wat niet wenselijk is.
We zijn in afwachting van Pinksteren waarop we vieren dat God ons deze Helper stuurt, de heilig Geest, die ons gelovig gedrag verdiept en versterkt. Mogen wij bidden dat deze Helper ook de ziel doordrenkt van onze kinderen en kleinkinderen, die wij vanmorgen niet vanzelfsprekend meer in ons midden zien, hier in de kerk. Dat deze Helper ons allen mag stimuleren de juiste levensweg te vinden.

Amen.

Lattrop, 26 mei, 2019,

Diaken Jan Kerkhof Jonkman