Hoe moet het toch verder wanneer een jonge moeder of jonge vader wegvalt uit een gezin? Je moet er niet aan denken op deze Moederdag, hoezeer zij op zo’n dag gemist wordt door de kinderen die haar nog zo nodig hadden. Om maar niet te denken aan jonge kinderen die hun beide ouders al heel vroeg moeten missen. Dat mag toch niet gebeuren, zo zou je denken, maar het leven leert ons dat ons dit wel kan overkomen en dat het leven toch doorgaat.

Hoe moet het verder met de kerk, nu de gewijde en niet-gewijde ambtsdragers langzaam lijken op te drogen, er geen nieuwe roepingen meer zijn tot het priesterschap en diaconaat, geen kloosterroepingen meer zijn en er zich ook geen mensen meer aanmelden voor een functie in het pastoraal werk? Betekent dit een langzaam einde van onze kerk, die eeuwenlang zo volop bloeide op ons continent Europa en in ons Twenteland? Lijkt God dan toch helemaal te verdwijnen uit Dinkelland? Zouden onze kinderen en kleinkinderen dan als wezen achterblijven, nu hun gelovige ouders en grootouders dreigen uit te sterven? Is de toekomst van onze kerk en ons katholieke geloof alleen maar gegarandeerd bij gewijde bedienaren, die ons de juiste weg wijzen, zoals wij eeuwenlang hier gewend zijn geweest?

Beste medegelovigen, we lijken op een tijdstip te zijn beland waarop wij ons in gelovig opzicht wezen gaan voelen. Het kerkelijk landschap met de vertrouwde aanwezigheid van kerkgebouwen, kerkelijke feesten en gebruiken, lijkt te verdwijnen achter onze vertrouwde horizon en ingeleverd te worden voor wereldse evenementen in een feesttent, waarbij we hoppen van evenement naar evenement, dat ons even moet uittillen uit de zorgen en beslommeringen van ons dagelijks bestaan, waarin we ons met het vergaren van materiële welvaart en rijkdom ons even echt gelukkig en rijk wanen. Worden wij daardoor misschien ook geen wezen, wezen, die de geborgenheid van een allesomvattende Liefde, die de grond van ons bestaan, de bron van liefde en geborgenheid missen? Of mogen wij niet geloven dat met het verdwijnen van de kerktorens en pastores God zelf nog altijd niet verdwenen is uit onze dorpen en steden, uit de harten van de mensen van 2.0 ?

Wezen, beste mensen, moeten ook de elf apostelen zich hebben gevoeld na de Hemelvaart van Jezus, toen ze nog volop in der rouw zaten, toen hun grote steun en toeverlaat, waarvoor ze alles in hun leven hadden opgegeven en hadden achtergelaten, uit hun midden was weggenomen door de dood en in de hemel was opgenomen. Hun grote inspirator, hun grote leider was weg. U zult begrijpen dat de leerlingen zich net zo moeten hebben gevoeld als jonge kinderen die hun ouders verliezen, als gelovigen in onze dagen die de nadrukkelijke aanwezigheid van de kerk en haar ambtsdragers langzamer hand uit het zicht zien verdwijnen. Maar zij konden rekenen op de hulp van een Helper, de heilige geest, die Jezus hen beloofd had. Zou die Heilige Geest dan ook niet ons aller Helper zijn? Zou Hij ons dan nu niet voorthelpen? Zouden we dan juist nu niet op hem mogen rekenen en vertrouwen.

De apostelen gingen niet bij de pakken neerzitten, maar begeesterd door de Heilige Geest zetten ze Jezus’ levenswerk voort, zij maakten ook van de nood een deugd en zo ontstond de jonge kerk, die er natuurlijk niet precies zo uitzag, met alle pracht en praal, mooie kerkgebouwen, tronende ambtsdragers en grote invloed op het maatschappelijk leven, zoals wij dat kennen uit het Rijke Roomse Leven.
Nee, zij gingen gewoon aan de slag, verkondigden het Evangelie, gaven het voorbeeld om te leven in het voetspoor van Jezus.
Hoe jammer het ook is om verder te moeten zonder gewijde ambtsdragers, ook leken-gelovigen kunnen samenkomen om Jezus’ leven te gedenken en te vieren, om inspiratie op te doen. Ook leken-gelovigen kunnen zich met huid en haar toewijden aan het verhaal van Jezus van Nazareth en het levend houden in de toekomstige samenleving. Waarom zouden onze kinderen en kleinkinderen minder ontvankelijk zijn voor dat fantastisch levensverhaal van deze Jezus? Het zal ook hen inspireren een rechtvaardig en gaaf mens te worden.

Beste medegelovigen, God is niet verdwenen uit de harten van de mensen, Hij is niet verdwenen uit Dinkelland, maar Hij wacht op ons tot wij Hem hebben ontdekt en Hij ons kan begeesteren met Zijn Geest. Laten we er vertrouwen in hebben dat die geestkracht ook onze toekomstige generaties zal weten te inspireren en dat Hij ooit weer mensen zal roepen om zich helemaal te wijden van het Evangelie, om vervolgens door de kerkleiding bevestigd worden in de wijding. Laten wij, zolang dit nog niet kan en gebeurt, het samen volhouden en blijven getuigen van Jezus’ leven en zijn bevrijdende boodschap in het Evangelie!

Amen.

Noord Deurningen, 13 mei 2018

Pastor Jan Kerkhof Jonkman