Wanneer ik de beelden zie van de kapotgeschoten steden in Syrië met een enkele vertwijfelde achtergebleven inwoner in de puinhopen, een jonge vader of moeder zie rennen met een jong, gewond bloedend kind in zijn armen, na het zoveelste bombardement, wanneer er beelden worden uitgezonden van de overvolle vluchtelingenkampen in Griekenland met vertwijfelde vluchtelingen die zich afvragen wat hun lot en toekomst zal zijn, dan komt bij mij de gedachte naar boven, dat Herodes nog lang niet verdwenen is uit onze wereld.

Machthebber Assad, die met straffe hand en geweld zijn politiek wil doorvoeren, zelfs een oorlog begon tegen zijn volk, waarbij vele inwoners omkwamen, of op de vlucht gingen voor hun veiligheid, dan is het schrikbeeld van koning Herodes nog steeds volop aanwezig en realiteit in onze dagen. Machthebbers die alleen maar aan zichzelf denken, machthebbers die niemand vertrouwen, en gedreven worden door angst, afgunst, jaloezie en vaak onschuldige mensen gevangen zetten of uit de weg ruimen. Ja, ze zijn er nog steeds, de Herodessen in onze dagen. Soms worden ze van hun troon gestoten, zoals onlangs president Mougabe van Zimbabwe, die met een riante oudedagsvoorziening af werd geserveerd. Misschien kennen we iets van Herodes in Poetin of Erdogan, die zich verschanst heeft in een kolossaal paleis in Ankara, of in de leiders in Iran, waar de bevolking de afgelopen dagen in opstand kwam tegen het beleid van president Rouhani en geestelijk leider Ali Khamenei. Terwijl de gewone bevolking niets voelt van het afschaffen van de sancties en de economische hervormingen is er blijkbaar genoeg geld om de religieuze instituten flink sommen geld toe te bedelen. Iran, een land in het hart van het Oosten, waar de oudste culturen en beschavingen ontstonden, in de Oudheid de wetenschap op een hoog niveau stond, de streek waar de evangelist Matteüs de wijzen vandaan liet komen, op zoek naar het geheim van bijzondere hemels licht.

Net als toen leven veel mensen in landen met heersers die alleen machtsmisbruik, misdaad en corruptie kennen. Landen die in duisternis verkeren omdat vrede en gerechtigheid worden er vernietigd door burgeroorlogen, ziekte en hongersnood. Als we goed om ons heen kijken dan zien we hetzelfde als in de toenmalige wereld waarin Jezus werd geboren. We weten maar al te goed tot welk bloedbad de jaloezie van Herodes leidde.

Ook wij zelf kennen een donkere kant, en misschien heerst er in ieder van ons wel iets van Herodes. Want ook wij willen iemand zijn, willen ook iets te zeggen hebben, willen de ander onze visie, onze wil opleggen. Daarmee ontnemen we de ander juist de ruimte om naar eigen inzicht te kunnen leven, het houdt ons tegen om elkaar onvoorwaardelijk lief te kunnen hebben. Vaak herkennen we het sneller bij anderen dan bij ons zelf. Het is een kant in ons zelf die we niet zo sympathiek vinden, zoals ook koning Herodes in onze ogen niet zo’n sympathieke klank heeft.

Wanneer de Wijzen uit het Oosten, op weg gaan om de betekenis van dat bijzondere licht aan de hemel te ontdekken, dan verdwijnt het licht ineens boven het paleis van Herodes en raken ze de weg kwijt. Blijkbaar wordt in deze stad, waar deze wrede, niets ontziende koning, de koning van de kindermoord met strakke hand regeert, het hemels licht gedoofd. Daar heerst diepe duisternis, want deze koning ruimt iedereen uit de weg die zijn macht bedreigt, zelfs zijn eigen vrouw, en eigen zoons. Pas wanneer ze het paleis van Herodes verlaten komt de ster met het hemels Licht weer tevoorschijn, en blijft uiteindelijk stilstaan boven de plek waar het kind zich bevond. Daar ontdekten ze God in de gedaante van een onschuldig, kwetsbaar kind. Zij ontdekten dat God niet uit de toenmalige wereld was verdwenen, net zo goed als Hij niet uit onze wereld verdwenen is. Ook al worden de kerken leger en bedekt het schaamteloos optreden van de huidige Herodessen het aanschijn van de aarde. God laat zich aan ons zien in een kwetsbaar mensenkind, waarin Hij ons toelacht en ook in ons zelf weer het kind tot leven wekt.
Het kind dat van de Wijzen een ander mens maakte, kan ook van ons een ander mens kan maken, kan het beste in ons naar boven halen, waardoor ook wij na de ontmoeting met dit kind via een andere levensweg weer verder zullen gaan, met onze eigen dromen de toekomst tegemoet.

Laten wij dit kind, waarin God ook in ons wil openbaren, het kostbaarste geven wat we tot onze beschikking hebben:
Goud: om met de allerbeste talenten in ons de wereld tot goud te kunnen veranderen;
Wierook: deze staat voor eer brengen de mens, maar ook voor het lijntje tussen hemel en aarde. Dat we mogen doordringen tot het diepste wat in ons mensen is neergelegd, bij onze diepste verlangens en dromen;
Mirre: mirre is balsem voor de ziel, een vriendelijk woord, iemand die voor je gaat is als balsem. Als je gewond, gekwetst bent, dan is balsem helend. Balsem maakt je mooi!

Mogen ook wij, net als de Wijzen, zo God ontdekken in ons midden.
Moge Zijn liefde, goedheid, vrede en inzet voor elkaar, in ons tot leven gewekt worden!
Amen.

Tilligte/Denekamp, 6/7 januari 2018,

Pastor Jan Kerkhof Jonkman