Een moment dat ik nooit meer vergeet, is het moment waarop onze dochter en schoonzoon ons kwamen vertellen dat zij zwanger was van haar eerste kind, ons eerste kleinkind en dat wij opa en om zouden gaan worden. Wij hebben dit als een bijzonder moment ervaren, een geschenk waarop we niet hadden gerekend, omdat het zwanger worden bij haar niet zomaar vanzelfsprekend was. Op dat moment voelden wij een innerlijke blijdschap en vreugde, dat je het toch mag meemaken om een volgende generatie op te zien groeien, dat het leven dat je zelf mocht schenken, ook verder gaat. Dat een nieuwe toekomst in jouw gezin aan het licht komt. Het was als het ware, dat er een nieuwe bron van leven opborrelde, en dat jij daarmee een nieuwe rol, een nieuwe plek zou gaan innemen in het gezin als grootouder. Net als de aanstaande ouders droomden ook wij over dit kind, zou het een jongen of een meisje worden? Hoe zou het er uit zien, welke karaktertrekken zou het van ons meedragen? Hoe zou haar toekomst er uit zien, in welke wereld zij zou komen te staan, wat zou zij van haar leven maken? Dankbaar voor dit geschenk leefden wij toe naar de geboorte van ons eerste kleinkind, een cadeau dat ons in de schoot werd geworpen. Ik denk dat velen van u deze bijzondere ervaringen mochten beleven, voor het eerst grootouder worden. Vele kinderen had ik bij de doop, God dankend voor dit nieuwe leven, in mijn armen gehouden, maar het eerste kleinkind overtrof natuurlijk alles.

De geboorte van nieuw leven is een bijzondere gebeurtenis, het is ook een teken dat God steeds weer nieuw leven schenkt en het levensavontuur ook steeds weer opnieuw met ons durft te wagen, ondanks dat wij er zelf in onze wereld een puinhoop van hebben gemaakt. Datzelfde gevoel moeten ook Maria en Jozef hebben gekend toen zij met hun zoon, Jezus, volgens het Joodse gebruik naar de Tempel gingen om de eerstgeborene aan God op te dragen, uit dankbaarheid dat hun dit kind werd geschonken. Veertig dagen na de geboorte met Kerst, een gebruikelijk periode waarin na de bevalling de moeder weer was gereinigd en zij samen met haar man deze plicht mocht vervullen. Een religieuze traditie die terugging op de tijd waarin bij de laatste plaag in Egypte, God alle eerstgeborene jongens van het Joodse volk spaarde. Sinds die tijd werden alle eerstgeborenen uit dankbaarheid voor het (gespaarde) leven aan God opgedragen. Bij de Tempel vindt een bijzondere ontmoeting plaats met twee oude mensen, de oude en vrome Simeon en de profetes Hanna. Twee grijsaards uit het Joodse volk die beiden het verlangen symboliseerden en levend hielden van Gods belofte aan het Joodse volk, dat er ooit een Verlosser zou komen, een mensenkind geboren zou worden dat weer nieuw licht bracht, dat nieuwe wegen zou openen voor de toekomst van het Volk.

Net als vele grootouders in onze dagen zagen zij die nieuwe toekomst in dit kind, een kind dat weer nieuw licht zou laten schijnen in een donkere wereld. Toen zij dit kind in hun armen hielden, waren zij ervan overtuigd dat die nieuwe toekomst was begonnen, en dat zij nu in vrede het leven konden loslaten. Eenzelfde ritueel mogen wij ook zien op de Pasen, hier in de stad, wanneer de mannen na het vlöggelen, de kleine kinderen van blijdschap optillen boven de menigte, uit blijdschap en dankbaarheid voor het nieuwe leven. Zo vond ik, enkele jaren geleden, datzelfde gevoel van Simeon terug bij een ernstig zieke parochiaan. Hij vertelde mij ontroerd dat hij na lang wachten, kort voor zijn sterven, dit nog had mogen meemaken en met zijn zwakke armen zijn eerste kleinkind met Pasen op het Kerkplein omhoog mocht tillen. Daarmee was ook een diepe wens voor hem in vervulling gegaan en wist hij dat het leven doorging in een nieuwe generatie!

Op Maria Lichtmis, veertig dagen na het kerstfeest, vroeger het einde van de kersttijd, vieren wij dat met de geboorte van Jezus, nieuw Licht in onze duisternis is gekomen, Licht dat straalde over alle volkeren en mensen bevrijdde uit een donker bestaan. Als gedoopten willen ook wij lichtdrager zijn van het Goddelijk Licht, het Licht van liefde en vrede.
Datzelfde wensen wij in onze dromen en verlangens toe aan de kinderen en kleinkinderen die onder ons geboren worden. Al of niet bij de doopvont, al of niet binnengedragen in de kerk uit dankbaarheid, wij wensen hen allen toe dat zij zich niet laten meeslepen door de donkere kant van de wereld, de duistere machten van onze samenleving, maar dat ook zij lichtdragers zullen zijn, die vrede, liefde en verlossing brengen wanneer mensen in de knel zitten, dat het mensen mogen worden uit één stuk, mensen naar Gods hart.

Lieve mensen, mogen wij met Maria Lichtmis vieren dat God’ s Licht door onze kinderen en kleinkinderen onvermoeibaar zal blijven stralen tot heil en zegen van de wereld!

Amen.

Ootmarsum, 2 februari 2020,