Na de langzaam optrekkende kruitdampen van de afgelopen nacht, met straten vol afval van het vuurwerk, komt het nieuwe jaar langzaam op gang. Een jaar waarin we weer iets nieuws mogen verwachten. Een jaar ook waarover we zegen vragen, zoals we vannacht naar elkaar uitspraken in de zegenwens: Zalig Nieuwjaar. Of wel: een gezegd nieuwjaar waarin we het eeuwige heil ons deelachtig mag worden. Een gedachte die velen niet meer kennen of niets meer zegt, want voor hen telt alleen nog het hiernumaals.

Diezelfde zegen over zijn leven krijgt het Kind van Bethlehem mee in zijn naam, Jezus, d.w.z.: God redt, God bevrijdt. Een prachtige naam, die ook tegelijk zijn levensopdracht inhoudt. Een naam die Maria niet zelf uitzocht, maar van hogerhand door een engel werd ingefluisterd. Ofwel: dit kind is een bijzonder kind, het moet zegen uitdragen in zijn leven.
Al doende maakt Hij die belofte waar in zijn korte leven. Hij geneest zieken, bevrijdt mensen uit de macht van het kwaad en knellende vooroordelen, hij redt mensen die in hun leven verloren dreigen te gaan. In Hem komt God zelf aan het licht.

Toen ik geboren werd stond mijn naam al vast. Omdat mijn oudste broer, die ook de naam Jan droeg, kort na de bevalling overleed, was het dan ook vanzelfsprekend dat ik de naam Jan kreeg, genoemd naar mijn opa. En als doopnamen: Johannes, Bernardus (naar mijn andere opa), en Plechelmus, de patroonheilige van onze parochie. Ongetwijfeld hebben zij ervan gedroomd dat ik deze mensen tot voorbeeld zou zijn. Maar in één ding moest ik ze teleurstellen: ik werd geen boer en zou niet het bedrijf overnemen, een keuze die mijn vader volop respecteerde, want ik moest mijn hart van hem volgen. Meer in mijn levenslijn lag de derde doopnaam: Plechelmus, verkondiger van het geloof in deze streken. Die taak heb ik van binnenuit aangevoeld en ben die levensweg gaan volgen. Een weg die overigens heel toepasselijk is voor mijn roepnaam: Jan, hetgeen betekent: de Heer is genadig. Dat betekent dat ik mogelijk net zo genadig voor anderen moet zijn als God voor ons mensen. En die opdracht probeer ik vooral waar te maken in mijn pastoraat, ook al schiet ik daarin tekort. Zo draag ik een naam die weliswaar niet door een engel is ingefluisterd, maar gekomen is uit het hart van mensen die mij lief waren en mij het leven gaven.

Zo, lieve mensen, draagt u allen een naam of hebt u een naam gegeven aan uw kinderen. Een naam betekent in principe een levensopdracht, daar staan de jonge ouders tegenwoordig niet bij stil. Ze geven hun kind een naam die zij leuk vinden, of een naam van een grote voetballer, popster of ander beroemd iemand waar zij bewondering voor hebben. En misschien dromen zij er wel van dat hun zoon een ooit bekende voetballer wordt of hun dochter een talentvolle zangeres of sportvrouw. Wanneer ik bij de doopvoorbereiding vraag naar de betekenis van de naam van de dopeling, dan weten zij bijna nooit de betekenis ervan en staan versteld wanneer ik zeg dat de naam ook tegelijk een levensopdracht is.

En als gedoopte is het je levensopdracht om in de voetsporen te treden van Jezus. Wanneer je Hem achterna gaat, dan mag je net als Hij God, Abba/Vader/papa noemen, zegt Paulus ons in zijn brief. Dan zal God ook voor jou zijn als een echte goede en trouwe vader. Je mag je dan door Hem gezegend weten.

Aan het begin van dit nieuwe jaar mogen wij dat ook elkaar toewensen, een jaar waarin wij ook uitgedaagd worden in zijn voetsporen te treden, om Zijn Naam waar te maken, om heil en vrede te brengen, om voor elkaar zo goed als God te zijn, en zo genadig als Hij is voor de mensen.

Wanneer wij zo Zijn Naam: Ik zal er zijn, waarmaken, mogen we ook het komend jaar rekenen op zijn trouw, zijn hulp, zijn inspiratie, op welk persoonlijk en maatschappelijk vlak onze levensopdracht ook ligt.

Namens het pastoraal team wens ik u allen een gezond en gezegend 2020!

Ootmarsum, 1 januari 2020

Pastor Jan Kerkhof Jonkman